Skip to content

Gebrek aan kennis

‘Mijn volk gaat te gronde door het gebrek aan kennis’. (Hosea 4:6)
Dat is Bijbelse taal, geloofstaal van Israël volgens de vorige Bijbelvertaling (NBG 1953).
Taal die zich niet altijd even gemakkelijk laat uitleggen. Kennen en kennen is namelijk twee. Onze zogenaamde kennis is heel wat anders dan wat de Bijbel schrijver ermee bedoelt. In de nieuwe Bijbelvertaling (NBV 2014) staat dan ook: ‘Mijn volk komt om doordat het met Mij niet vertrouwd is’. Dat is meer in de lijn van wat er staat, van wat ermee bedoeld wordt.

De profeet Hosea leefde en werkte ten tijde van koning Jerobeam II van Israël (783-743 voor Chr.). Een vrij lange regeerperiode, waarin het land tot grote bloei kon komen. Hij herstelde de landsgrenzen, zoals die in de tijd van David waren geweest (nog altijd een oud verlangen bij sommigen in Israël). Hij zorgde voor een ongekende welvaart in het land, met alle gevolgen van dien voor het eigen godsdienstige leven. Door de toenemende handel en daarmee gepaard gaande invloeden van andere culturen, werd de eigen Joodse godsdienst van binnenuit bedreigd. Baäl, de god van de héb, de god van het kapitaal zeg maar, van het materialisme, de god van het persoonlijk genot werd naast de God van het verbond met Israël, als een gelijkwaardige god aanbeden. Dat raakt Hosea diep, hij lijdt eronder, zoals je dat van een oprechte profeet verwachten mag.
Een volk komt om wanneer het met de omgang met God niet (meer) vertrouwd is, is zijn conclusie, dat is zijn oordeel over zijn eigen volk. En dat doet hem pijn. De grootste bedreiging voor zijn volk, komt volgens Hosea dan ook niet van buiten maar van binnenuit.

Vallen zijn woorden nog wel uit te leggen, zijn ze ook van toepassing op onze maatschappij?
Het is Bijbelse taal, ik weet het, taal van een oud volk, geloofstaal uit een ver verleden, jawel.
Je moet er daarom altijd voorzichtig mee zijn om al te vlot een actuele toepassing te maken. Bijbelwoorden laten zich niet altijd zo eenvoudig uitleggen, al beweren sommingen van wel.
En wat Hosea 4 betreft: kennen en kennen is inderdaad twee!

Ons kennen heeft veelal betrekking op informatie, heeft te maken met ons redelijke verstand, met dingen doorzien en begrijpen. Door studie voor mijn part, achter de waarheid zien te komen. Het Bijbelse kennen is echter veel meer dan dat. Het veronderstelt een ontmoeting, een persoonlijke relatie, ervaringskennis dus en die is subjectief van aard.
Aan objectieve kennis geen gebrek. Er is nog nooit een tijd geweest waarin je zo eenvoudig aan alle gewenste informatie kunt komen, waarmee we al het tastbare proberen te vangen.
Maar wat je bv. niet via het ‘World Wide Web‘ (www) te weten kunt komen, dat is de kennis van Gód, dat wil zeggen het persoonlijk ervaren van Zijn liefde en trouw, het gespitst zijn op Zijn daden, horen naar Zijn Woord, kortom zelf de Levende daadwerkelijk ontmoeten.

Afgelopen zondag, 15 juli zongen wij als afsluiting van de dienst in de Sionskerk, lied 689 uit de bundel van Johannes de Heer: ‘Wij hebben een machtige Heiland, die nimmer de zijnen vergeet. Laat ons van Zijn goedheid niet zwijgen, zorg toch dat ieder het weet’. Dat is per slot van rekening ook de boodschap van de kerk. De gemeente van Jezus Christus, die weet heeft van een liefdevolle God, die ons de mogelijkheid gegeven heeft om Hem van binnenuit te leren kennen. Zo’n gemeente heeft wel degelijk een boodschap voor de eigen samenleving. Als noodzakelijk tegengif in een eenzijdig op productie en consumptie gerichte maatschappij. Of komt de grootste bedreiging van de kerk misschien opnieuw van binnenuit?

(Gepubliceerd in De Kern, 20 juli 2018)

Trackbacks

Geen Trackbacks

Reacties

Geeft reacties weer als Lineair | Samengevoegd

Geen reacties

De auteur staat geen reacties toe op dit artikel